Zwakke prestaties Armstrong Flooring
De zaken lopen bepaald niet naar wens bij Armstrong Flooring en de gewenste ‘ommekeer’ laat nog altijd op zich wachten. Ook het tweede kwartaal is, in de eigen bewoordingen, “teleurstellend” verlopen, met vooral een achterblijvende vraag naar parketvloeren en vinyl op rol voor de residentiële markt. Tevreden is het Amerikaanse concern met de prestaties van het LVT. De gerapporteerde omzetdaling zet ook de winstgevendheid onder druk. In het kader van een stroomlijning wordt de sluiting van twee van de acht parketfabrieken in de VS aangekondigd.
De nettowinst van het vloerenbedrijf (vorig jaar afgesplitst van de rendabele plafondtak en daarvoor nog actief in Europa) bedraagt 5,4 miljoen dollar in het voorbije kwartaal, een terugval van 22,1 procent vergeleken met de 7,0 miljoen van vorig jaar. De omzet daalt met 8,1 procent, van 323,7 miljoen naar 297,3 miljoen dollar.
De divisie elastische vloeren speelt 3,6 procent omzet kwijt, om uit te komen op 187,8 miljoen dollar en ziet de operationele winst met 6,3 procent krimpen, tot 12,5 miljoen dollar. Het concern klaagt over lagere verkoopvolumes en prijsdruk in vooral de categorie van het ‘klassieke’ vinyl, met name op de residentiële markt. Het LVT (zowel zelf gemaakt als elders ingekocht) boekt juist een vooruitgang qua omzet van in de dubbele cijfers, maar dat blijkt niet toereikend om de terugval elders glad te strijken. Voor de nabije toekomt verwacht Armstrong Flooring veel van de onlangs van Mannington overgenomen activiteiten met vinyl-compositie-tegels (VCT).
De divisie houten vloeren verliest zelfs 15,1 procent omzet in het voorbije kwartaal, tot een niveau van 109,5 miljoen dollar, bij een operationeel verlies van 2,6 miljoen dollar. Ook hier klaagt Armstrong over lagere volumes en prijsdruk. Na twee kwartalen verliest het bedrijf bij elkaar 14,1 procent omzet in zijn parketvloerentak en loopt het operationeel verlies op tot 7,2 miljoen dollar.
De tak van de elastische vloeren verliest dit jaar over twee kwartalen 2,9 procent omzet. Over het eerste halfjaar lopen beide divisies opgeteld nu 7,5 procent op de omzet van vorig jaar achter, van 608,1 miljoen naar 562,5 miljoen dollar. De operationele winst zakt van 11,9 miljoen tot nog slechts 0,3 miljoen dollar.
CEO Don Maier verwacht dat rest van het jaar ook ‘uitdagend’ blijft. Hij blijft scherp op de kosten letten en op het stroomlijnen van de productie. Zo worden in het vierde kwartaal in de VS twee fabrieken voor parketproducten gesloten, ten koste van ruim 300 banen. De ene maakt massief parket, de andere levert halffabrikaten voor meerlaags parket. De vervaardiging van massieve producten brengt Armstrong elders in de organisatie onder, meer van de halffabrikaten worden in vooral Azië ingekocht. Armstrong Flooring verwacht met beide sluitingen jaarlijks tussen de 8 en 10 miljoen dollar te besparen. Eerder dit jaar werden al 40 banen in het concern geschrapt.
(Vloerenplein, 09-08-2017)









Elastische vloeren nemen een steeds groter deel van de Amerikaanse vloerbedekkingmarkt voor hun rekening. In geld gemeten ligt hun aandeel in 2016 al op 15 procent, tegenover 13,3 procent in 2015. De groeiende acceptatie van het LVT van de nieuwe generatie voor zowel thuisgebruik als in projecten is daarvoor verantwoordelijk, zo bericht het vakblad Floor Covering Weekly op basis van statistische gegevens van onderzoeksbureau Catalina. Binnen de categorie LVT boeken de nieuwe waterdichte WPC-producten (‘wood plastic composite’) de meeste vooruitgang, evenals de ‘rigid core’-producten en de overige hybride producten met vinyl als hoofdbestanddeel.
De Federation of Master Builders (FMB), de grootste Britse brancheorganisatie voor bouwbedrijven in het MKB, luidt de noodklok over de uit de pan rijzende kosten voor grondstoffen, volgend op het Brexit-referendum van juni vorig jaar. Eerst en vooral timmerhout is fors in prijs gestegen.



Op 











De Amerikaanse vloerengroep Beaulieu Group LLC heeft vandaag een beroep gedaan op de Chapter 11-regeling, een vrijwillige procedure binnen de Amerikaanse faillissementswetgeving die enigszins overeenkomt met onze ‘surseance van betaling’ en hoofdzakelijk gericht is op het kunnen doorvoeren van een noodzakelijk geachte reorganisatie. Beaulieu America wil naar eigen zeggen zo zijn balans op orde brengen teneinde beter gepositioneerd te zijn voor de toekomst. Met de bestaande geldschieters is overeengekomen dat die het bedrijf blijven ondersteunen met een zogeheten ‘debtor-in-possession’-financiering, die zal worden gecombineerd met de kasstroom uit operationele activiteiten om een voortzetting van de bedrijfsvoering mogelijk te maken. "Beaulieu familieleden en onze raad van managers zijn van mening dat het nastreven van een herstructurering door middel van Chapter 11 de beste route voorwaarts is op dit moment,” aldus Michael Pollard, voorzitter van Beaulieu Group LLC. ‘Beaulieu of America’ begon in 1978 in Dalton (Georgia) en groeide onder de hoede van oprichters Carl en Mieke Bouckaert (oudste dochter van Beaulieu-grondlegger Roger De Clerck) uit tot vooraanstaand tapijtproducent, apart van het Beaulieu-concern aan deze kant van de oceaan.
Het op 13 juni jl. failliet verklaarde Arte Espina liep - ondanks zijn naamsbekendheid in de branche - al zeker tien jaar niet goed en leed structureel verlies. Zo heeft curator Bob van Brink als verklaring te horen gekregen van de directie van het bedrijf en vervolgens opgetekend in zijn openbaar faillissementsverslag van 5 juli.


De Britse tapijtmaker Brintons is van eigenaar veranderd. De Amerikaanse Carlyle Group verkoopt de in 1783 begonnen fabrikant aan landgenoot Argand Partners, een private-equitybedrijf. De waarde van de transactie, waarbij ook het senior management van Brintons is betrokken, is niet bekendgemaakt. De nieuwe eigenaar voelt zich naar eigen zeggen aangetrokken door de leidende marktpositie van Brintons op de wereldwijde markt voor luxe tapijt. De Carlyle Group kocht het bedrijf zes jaar geleden en zette zijn aanwinst - stevig reorganiserend - weer op de rails.


