CBS: nieuwbouw blijft stabiel
Hoewel het Centraal Bureau voor de Statistiek de cijfers voor vergunde nieuwbouwwoningen voor juni (en dus het tweede kwartaal) nog niet paraat heeft vanwege de betrouwbaarheid door recente wijzigingen in werkwijzen en regelgeving, lijkt het tweede kwartaal af te stevenen op een bovengemiddelde vergunde nieuwbouw. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe kwartaalcijfers over de bouw.
Zo werden in april 8.500 en in mei 10.800 woningen vergund voor nieuwbouw. “Sinds januari 2022 is dat gemiddeld 7.100”, aldus het CBS. “Ook voor bedrijfsgebouwen werden er relatief veel vergunningen voor nieuwbouw afgegeven; er werden 6.900 bedrijfsgebouwen vergund. In het vorige kwartaal waren dat er 5.200 en een jaar eerder 4.700.” Het aantal vergunde nieuwbouwwoningen is volgens het CBS een graadmeter voor het aantal woningen dat in de nabije toekomst gebouwd wordt. Woningtransformaties, zoals het ombouwen van kantoren naar woningen, zijn niet in de vergunningscijfers voor nieuwbouw inbegrepen.
In het tweede kwartaal van dit jaar kwamen er 16.400 woningen bij door nieuwbouw. Dat zijn er 400 meer dan in dezelfde periode het jaar ervoor. Vergeleken met het eerste kwartaal van 2026 betreft het volgens het CBS een stijging van 2.700. “In het tweede kwartaal zijn 2.600 woningen gesloopt, zijn 1.500 woningen geen woning meer omdat ze verbouwd zijn, en zijn 4.000 bedrijfsgebouwen door ver- of aanbouw omgebouwd tot woning. Alles bij elkaar zijn er 16.100 duizend woningen bijgekomen.”
In het tweede kwartaal van dit jaar kwamen er een bijna vergelijkbaar aantal woningen bij door nieuwbouw dan in dezelfde periode het jaar ervoor.
De vergunde bouwkosten voor alle woningen bedroegen in het tweede kwartaal 6,3 miljard euro, 97 procent meer dan in hetzelfde kwartaal van 2025. De bouwkosten vergunde woningen zijn dus bijna verdubbeld. Dit heeft volgens het CBS waarschijnlijk te maken met de regelgeving rond ‘netcongestie’ die per 1 juli verandert. “Gemeenten hebben daarom mogelijk nieuwbouwprojecten versneld vergund.” De vergunde bouwkosten voor bedrijfsgebouwen bedroegen in het tweede kwartaal 1,8 miljard euro, 2 procent meer dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder.
De omzet in de bouwnijverheid is volgens het CBS in het tweede kwartaal van 2026 met ruim 5 procent gestegen in vergelijking met het jaar ervoor. “Dit komt vooral doordat er in juni twee werkdagen meer waren dan in 2025. Deze groei is wel lager dan vorig jaar, toen de omzet steeg met 6,6 procent.”
(Vloerenplein, 21-08-2026)
















De Duitse Classen Group heeft een naar eigen zeggen belangrijke technologische doorbraak bereikt. Een nieuw ontwikkeld productieproces maakt het volgens de fabrikant van harde vloeren voor het eerst mogelijk om vloeren op basis van polypropyleen (PP) te produceren tegen dezelfde kosten als conventionele pvc-producten. Classen heeft volgens een persbericht bewust afgezien van het gebruik van pvc, voornamelijk vanwege de weekmakers en stabilisatoren die het bevat. In plaats daarvan richtte het bedrijf zich al vroeg op polypropyleen. “In meer dan 15 jaar intensief onderzoek en ontwikkeling heeft Classen een uitgebreide patentportfolio opgebouwd op het gebied van PP en bezit het ook rechten op productieprocessen voor andere alternatieve kunststoffen zoals PET”, zo is te lezen. “De kernovertuiging van het bedrijf is duidelijk: qua kwaliteit, milieuvriendelijkheid, gezondheidsaspecten en technologische prestaties is PP de superieure materiaaloplossing voor de toekomst van de vloerindustrie.”














Gerflor heeft zijn MVO-rapport 2025 gepubliceerd. Met het rapport is volgens een begeleidend persbericht een belangrijke mijlpaal in de duurzaamheidsreis van de groep bereikt. “Voor het eerst liggen de totale CO₂-uitstoot – inclusief Scope 1, 2 en 3 – onder het niveau van 2019, terwijl de Groep winstgevend is blijven groeien”, zo is te lezen. Deze prestatie bewijst volgens het bericht duidelijk dat industriële prestaties en milieuverantwoordelijkheid hand in hand kunnen gaan. “Het weerspiegelt de impact van Gerflors diepgewortelde MVO-strategie, gericht op het verminderen van emissies, het verhogen van het gebruik van gerecyclede materialen en het ontwikkelen van duurzamere productoplossingen.”
i4F, een groep bedrijven die patenten en technologieën levert aan de wereldwijde vloerenindustrie, heeft afgelopen dinsdag aangekondigd dat NOX Corporation de eerste in de VS gevestigde fabrikant is geworden van de nieuwe i4F ‘CeraGrout’ Flex-technologie. Deze nieuwe innovatie biedt een losliggende, verlijmde versie van de populaire CeraGrout-technologieën en breidt i4F's innovatie op het gebied van keramische vloeren en wanden uit. NOX zal de technologie integreren in zijn commerciële productlijnen met keramische vloeren en i4F CeraGrout Flex produceren in zijn fabriek in Ohio, VS.

In het rapport is te lezen dat de Scope 1 en 2 emissies met 35 procent zijn verminderd, er een reductie van 49 procent in de totale wateropname is gerealiseerd en dat 99,5 procent van het hout op verantwoorde wijze is verkregen. Ook is er een afname van 37 procent in het registreerbare letselpercentage en is het gemiddelde dienstverband van medewerkers tien jaar. Mohawk stelt in het rapport ook nieuwe doelen voor 2026. Het bedrijf wil een 20 procent reductie van de absolute broeikasgasemissies tegen 2030, ten opzichte van de basislijn van 2021. Daarnaast moet 85 procent van het productieafval hergebruikt zijn in productieve waardestromen tegen 2035. Het rapport staat ook stil bij een aantal highlights op gebied van productinnovatie. Zo zijn de ‘EcoFlex ONE’ & ‘EcoFlex NXT’ de eerste tapijttegelcollecties in Europa met duurzame polyolefine-rug; gerecycled materiaal, ontworpen voor recycling. Ook opende Unilin 's werelds eerste geïntegreerde recyclingfabriek voor PIR-isolatieplaten en is ‘SmartStrand' met ‘Pur-Ease’ het eerste behandelde tapijt dat het Asthma & Allergy Friendly-certificaat heeft behaald.